fiscaal advocaat brugge

Aangifte van de inkomstenbelasting

In het Wetboek van Inkomstenbelasting staan de personenbelasting, de vennootschapsbelasting, de rechtspersonenbelasting en de belasting van niet-inwoners. We bespreken hier de aangifte van die vier inkomstenbelastingen. Hetzelfde wetboek beschrijft de drie voorheffingen en de manier waarop zij verrekend worden, de onroerende voorheffing, de roerende voorheffing en de bedrijfsvoorheffing.

Lees ook:aangifte inkomstenbelasting te laat: vanaf wanneer?

De belastingadministratie draagt de initiële bewijslast van het bestaan en het bedrag van haar vordering. De fiscale wet heeft echter in bijna alle belastingen aangifte van de inkomstensbelasting verplicht. Zodoende is de belastingsplichtige verplicht om mee te werken aan de gegevensverzameling door de administratie. De aangifte van de inkomstenbelasting gebeurt eenmalig of periodiek en moet worden voldaan via formulieren toegestuurd door de administratie of die de betrokkene zelf moet aanvragen. Steeds meer kunnen aangiftes kunnen elektronisch of via internet worden gedaan.

Aangifte van personenbelasting


Aangifteplicht

Aangifteplicht

Wie is verplicht een aangifte in het kader van de personenbelasting in te dienen in de voorgeschreven vormen en binnen de voorziene termijnen? Dit is iedereen die Belgisch rijksinwoner is, met name:

  • Personen wiens woonplaats of wiens vermogen in België gelegen is;
  • De erfgenamen van 1);
  • De wettelijk vertegenwoordiger van een onbekwaam verklaarde persoon;
  • De ouder of voogd van een minderjarige:
    Aangezien ouders wettelijk het genot hebben van alle onroerende, roerende en sommige diverse inkomsten van niet-ontvoogde kinderen jonger dan 18 jaar, moet je als ouder deze inkomsten van kinderen als gezinsinkomen aangeven. Beroepsinkomsten van kinderen en aan hen toegekende onderhoudsuitkeringen moeten daarentegen door kinderen in een eigen aangifte aangegeven worden.

Iedereen die in het Rijksregister ingeschreven is, wordt, behoudens tegenbewijs, geacht aan het begrip Belgische rijksinwoner te voldoen. De woonplaats van gehuwden en wettelijk samenwonenden is fiscaal gezien de plaats waar het gezin gevestigd is.

Belangrijk hierbij is dan een aangifte van de inkomstenbelasting ook ingediend kan worden door een derde, bv. een boekhouder. Hiervoor heeft deze een uitdrukkelijke en schriftelijke volmacht van de belastingplichtige nodig. Deze volmacht moet dan bij de aangifte worden gevoegd of kan later worden overgemaakt.

Als de belastingplichtige de aangifte zelf indient, moet deze ondertekend worden (ook door beide echtgenoten of wettelijk samenwonende partners).  Indien een derde de aangifte opstelt, of indien een getypte aangifte betreft, dan moet de handtekening voorafgegaan worden worden door de vermelding “gelezen en goedgekeurd”.

Als gehuwden of wettelijk samenwonenden een aangifte indienen, moet de gezamenlijk door beide partners in te dienen aangiften, door beiden ondertekend worden.


Vorm

Vorm

a) De traditionele papieren aangifte

De belastingplichtige moet zijn aangifte in het kader van de personenbelasting nauwkeurig doen op het daartoe bestemde formulier (dit formulier verschilt voor elk van de inkomstenbelastingen). Dit formulier moet na invulling, gedagtekend en ondertekend binnen de voorgeschreven termijn (zie infra) terugzenden worden aan het scanningscentrum, vermeld op het voorblad van de aangifte. Normaal gezien is dit de belastingdienst die bevoegd is voor de gemeente waar de belastingplichtige op 1 januari zijn woonplaats heeft.

In principe zal dit formulier toegezonden worden door de fiscus.Zo niet, moet de belastingplichtige dit aanvragen bij de belastingdienst van zijn woonplaats vóór 1 juni. Dit is niet nodig indien de belastingplichtige er opnieuw voor kiest om zijn aangifte elektronnisch, via tax on web in te dienen.

Het officiële aangifteformulier bevat vakjes waarin codes en bedragen moeten worden ingevuld. Het exemplaar dat de uitleg bevat, mag je bewaren, dit is een kladversie voor persoonlijk gebruik.

b) De volledige elektronische aangifte

Via het tax on web kan sinds enkele jaren ook een elektronische aangifte ingediend worden door de belastingplichtige. Deze aangifte heeft dezelfde rechtskracht als de papieren aangifte. Om zo’n aangifte in te dienen, moet men inloggen met een elektronische identiteitskaart en een kaartlezer of door middel van ‘tokens’. Belangrijk, gehuwden en wettelijk samenwonenden moeten zich afzonderlijk laten registreren.

Ook deze elektronische aangifte van de inkomstenbelasting kan door een derde, bv. een boekhouder, ingediend worden.

Het voordeel van de elektronische aangifte is dat er geen formulier per post teruggezonden hoeft te worden, en de aangiftegegevens bewaard in de persoonlijke taxbox. De indiening van de aangifte wordt ook automatisch bevestigd (bij een papierenaangifte  moet dit bij indiening aangevraagd worden). Ook kan onmiddellijk de verschuldigde belasting berekend worden, en kunnen eventuele bijlagen elektronisch toegevoegd worden. Bovendien zullen ook steeds meer bekende gegevens, zoals dienstencheques, vooraf worden ingevuld.


Inhoud

Inhoud

Het aangifteformulier bestaat uit twee delen die moeten worden ingevuld door verschillende categorieën belastingplichtigen.

Deel 1 moet door alle belastingplichtigen worden ingevuld.

Deel 2 moet enkel worden ingevuld worden door:

  • Belastingplichtigen die diverse inkomsten genieten
  • Bedrijfsleiders
  • Handelaars
  • Beoefenaars van een vrij beroep
  • Meewerkende echtgenoten

Gehuwden of wettelijk samenwonenden ontvangen een gezamenlijk aangifteformulier vanaf het jaar, volgend op het jaar van huwelijk of wettelijke samenwoning:

  • Indien de partner van de belastingplichtige van het andere geslacht is, moeten de inkomsten van de man in de linkerkolom aangegeven worden, en deze van de vrouw in de rechterkolom.
  • Indien de partner van de belastingplichtige van het hetzelfde geslacht is, moeten de inkomsten van de oudste partner in de linkerkolom aangegeven worden, en deze van de jongste in de rechterkolom.


Bijlagen

Bijlagen

De in het aangifteformulier gevraagde documenten, inlichtingen en opgaven moeten steeds bij de aangifte gevoegd worden. Echter, de laatste jaren geeft men de belastingplichtige de keuze de bijlagen (bijvoorbeeld het detail van het bedrag van de werkelijke beroepskosten) toe te voegen of deze ter beschikking te houden voor eventuele controle. De bewaartermijn bedraagt 7 jaar. Om een bijkomende vraag om inlichtingen voor te zijn, is het aangeraden de nuttige bijlagen wel onmiddellijk mee te sturen met de papieren aangifte of in pdf-formaat bij je elektronische aangifte te voegen.


Termijn

Termijn

De termijn om de aangifte in te dienen bedraagt steeds minstens 1 maand vanaf de verzending van het aangifteformulier.

Behoudens verlenging door de Minister van Financiën is de datum van inlevering van de papieren aangifte van de inkomstenbelasting, 30 juni van het aanslagjaar.

Voor de gebruikers van tax-on-web en voor aangiften door mandatarissen wordt meestal een langere termijn voorzien. Zo zal de aangifte van de inkomstenbelasting via tax-on-web ten laatste op 15 juli 2016 moeten plaatsvinden. De aangifte via tax-on-web door een mandataris moet uiterlijk op 27 oktober 2016 ingediend worden.

De indiening gebeurt op het moment van ontvangst door de bevoegde dienst en niet op het tijdstip van verzending! Een tijdige indiening van de aangifte is ten zeerste aanbevolen, en dit om een ambtshalve belasting te voorkomen. Bij betwisting zal de bewijslast omgekeerd worden, en kunnen sancties opgelegd worden.

Het is mogelijk om bij een gewettigde reden een verlenging van de termijn (uitstel) aan te vragen, en dit ruim voor het verstrijken van de indieningstermijn. Vaak zal de administratie een verlenging van 2 maanden toestaan. Een geldige reden voor uitstel is bijvoorbeeld ziekte.


Vennootschapsbelasting


Aangifteplicht

Aangifteplicht

Vennootschappen, verenigingen, instellingen en inrichtingen die onderworpen zijn aan de vennootschapsbelasting moeten één keer per jaar een elektronische aangifte indienen.

Binnenlandse vennootschappen, verenigingen, inrichtingen of instellingen zijn meer bepaald onderworpen aan de vennootschapsbelasting als zij:

  • Regelmatig zijn opgericht, naar Belgisch of buitenlands recht;
  • Een rechtspersoonlijkheid bezitten, naar Belgisch of buitenlands recht, publiek of privé;
  • Niet uitdrukkelijk worden uitgesloten van de vennootschapsbelasting;
  • In België hun maatschappelijke zetel, hun voornaamste inrichting of zetel van bestuur of beheer hebben (hun fiscale domicilie);
  • In België of in het buitenland verrichtingen van winstgevende aard exploiteren.

Mandatarissen (boekhouders, accountants,…) kunnen de vennootschapsbelasting invullen voor een vennootschap. Ze moeten dan kunnen aantonen dat ze gemachtigd zijn om de aangifte in naam van die vennootschap in te dienen.


Vorm

Vorm

In de regel moet de aangifte van de vennootschapsbelasting elektronisch ingediend worden via de toepassing Biztax.

De papieren aangifte is aldus verleden tijd. Enkel als de vennootschap of de mandataris van de vennootschap niet over de nodige technische middelen beschikken om aan deze plicht te voldoen, kunnen ze worden vrijgesteld van de elektronische aangifteplicht. De papieren aangifte zal dan ieder jaar opnieuw moeten worden aangevraagd.


Bijlagen

Bijlagen

Bij de aangifte moeten een aantal bijlagen gevoegd worden, nl.:

  • De jaarrekening (balans, resultatenrekening en toelichting), als deze niet verplicht neer te leggen zijn bij de balanscentrale van de Nationale Bank;
  • Een afschrift van de verslagen aan en besluiten van de algemene vergadering;
  • De opgave 275U met betrekking tot de investeringsaftrek;
  • De opgave van betalingen aan personen gevestigd in een belastingparadijs voor meer dan 100.000,00 euro. Zonder deze aangifte zal de aftrek als beroepskost van deze betalingen verworpen worden. Om te weten of een persoon gevestigd is in zo’n belastingparadijs, is de OESO-lijst en de door de Koning vastgestelde lijst van staten zonder of met een lage belasting (vennootschapsbelasting lager dan 10%) bepalend.


Termijn

Termijn

De termijn voor het indienen van de aangifte in de vennootschapsbelasting wordt vermeld op het aangifteformulier. Deze moet minstens 1 maand bedragen vanaf de goedkeuring van de jaarrekening, met een maximumtermijn van 6 maanden na afsluiting van het boekjaar.

Voor vennootschappen wiens boekjaar niet eindigt op 31 december zal de termijn vermeld op het aangifteformulier uiteraard niet gelden. Hun aangiftetermijn wordt verlengd met de periode die verloopt tussen 1 januari en de datum van het afsluiten van het boekjaar. De voorwaarden hiervoor zijn:

  • Het betreft een gebroken boekjaar (boekhouding anders gehouden dan per kalenderjaar)
  • De statutaire algemene vergadering vindt plaats in de loop van de 6e maand na afsluiting van het boekjaar
  • Het boekjaar wordt ten vroegste afgesloten op 1 maart

De bijkomende termijn bedraagt dan één maand vanaf de dag van de statutaire algemene vergadering.

Er kan ook steeds om een uitstel van de aangifte verzocht worden, bijvoorbeeld in geval van overmacht. Om het uitstel moet verzocht worden voor het verstrijken van de aanvankelijke aangiftetermijn.

De administratie kon ook een collectief uitstel toekennen.

Indien de aangifte niet tijdig wordt ingediend, kan de administratie onder meer de procedure aanslag van ambtswege opstarten, waarna het aan de onderneming is om de gegevens van de aangifte te bewijzen.


Rechtspersonenbelasting


Aangifteplicht

Aangifteplicht

Vzw’s, internationale vzw’s of stichtingen die onderworpen zijn aan de rechtspersonenbelasting moeten één keer per jaar een elektronische aangifte (RPB-aangifte) indienen.


Vorm

Vorm

De aangifte in de rechtspersonenbelasting moet elektronisch ingediend worden via de toepassing Biztax.

De papierenaangifte is aldus verleden tijd. Enkel als de belastingplichtige of zijn mandataris niet over de nodige informaticamiddelen beschikt om aan deze plicht te voldoen, kan deze worden vrijgesteld van de elektronische aangifteplicht. De papieren aangifte zal dan ieder jaar opnieuw moeten worden aangevraagd.


Bijlagen

Bijlagen

Onder het tabblad ‘276.5.B’ moeten de verschillende bescheiden en opgaven toegevoegd worden. Bij de rubriek ‘jaarrekening’ moet de gedetailleerde staat van ontvangsten en uitgaven + de staat van het vermogen toegevoegd worden of (indien gewerkt wordt in een systeem van volledige boekhouding) de balans en resultatenrekening zoals die door de jaarlijkse algemene vergadering goedgekeurd werd. Het is niet aan te raden het boekhoudkundig model B + C (dat moet neergelegd worden op de griffie van de rechtbank van Koophandel) toe te voegen omdat deze documenten te weinig informatie bevatten.


Termijn

Termijn

Vzw’s, internationale vzw’s of stichtingen onderworpen aan de rechtspersonenbelasting beschikken voor het indienen van hun aangifte over een termijn die niet korter mag zijn dan 1 maand vanaf de datum waarop hetzij de jaarrekening, hetzij de rekening van ontvangsten en uitgaven is goedgekeurd. Ook mag de termijn niet langer zijn dan 6 maanden vanaf de datum waarop het boekjaar is afgesloten. De uiterste datum van indienen hangt dus af van je boekjaar en je algemene vergadering. Voor de meeste rechtspersonen zal dit 30 september zijn.

Voor rechtspersonen wiens boekjaar niet eindigt op 31 december zal de termijn vermeld op het aangifteformulier uiteraard niet gelden. Hun aangiftetermijn wordt verlengd met de periode die verloopt tussen 1 januari en de datum van het afsluiten van het boekjaar. De voorwaarden hiervoor zijn:

  • Het betreft een gebroken boekjaar (boekhouding anders gehouden dan per kalenderjaar)
  • De statutaire algemene vergadering vindt plaats in de loop van de 6e maand na afsluiting van het boekjaar
  • Het boekjaar wordt ten vroegste afgesloten op 1 maart

De bijkomende termijn bedraagt dan één maand vanaf de dag van de statutaire algemene vergadering.

Er kan ook steeds om een uitstel van de aangifte verzocht worden, bijvoorbeeld in geval van overmacht. Om het uitstel moet verzocht worden voor het verstrijken van de aanvankelijke aangiftetermijn.

De administratie kon ook een collectief uitstel toekennen.

Indien de aangifte niet tijdig wordt ingediend, kan de administratie onder meer de procedure aanslag van ambtswege opstarten, waarna het aan de onderneming is om de gegevens van de aangifte te bewijzen.


Belasting niet-inwoners


Aangifteplicht

Aangifteplicht

Een ‘niet-inwoner‘ van België, die dus zijn fiscale woonplaats niet in België heeft, maar wel in België belastbare inkomsten behaalt (bijvoorbeeld als deze in België werkt), zal een aangifte moeten doen in het kader van de ‘Belasting niet-inwoners.

Er zijn drie categorieën van ‘niet-inwoners’ die belastbaar zijn in het kader van de ‘belasting niet-inwoners’, namelijk:

  • Natuurlijke personen ‘niet-inwoners’;
  • Buitenlandse vennootschappen met rechtspersoonlijkheid, alsook buitenlandse vennootschappen zonder rechtspersoonlijkheid die hun maatschappelijk zetel, hun voornaamste inrichting of hun zetel van bestuur of beheer niet in België hebben;
  • Vreemde staten.

De eerste maal dat een ‘niet-inwoner’ een in België belastbaar inkomen behaalt, zal hij de fiscus hier van op de hoogte moeten brengen via dit formulier. Na zo’n inschrijving zal de belastingplichtige automatisch elk jaar een aangifte ontvangen. De datum van verzending van deze aangifte verschilt elk jaar en hangt dus niet samen met de verzending van de aangifte in de personenbelasting aan Belgische belastingplichtigen. Bij het stopzetten van de activiteit in België moet de fiscus ook op de hoogte gebracht worden. Deze zal de ‘niet-inwoner’ dan schrappen uit de lijst van te belasten ‘niet-inwoners’. Dit alles kan uiteraard ook steeds door een derde (bv. een boekhouder) ingediend worden.


Vorm

Vorm

Net zoals Belgische Rijksinwoners, kunnen ook niet-inwoners hun aangifte ‘niet-inwoners’ elektronisch indienen via Tax on web. Bij gebrek aan een Belgische elektronische identiteitskaart, kan hiervoor een ’token’ aangevraagd worden.

Ook de papierenaangifte is nog steeds mogelijk. De aangifte in de ‘belasting niet-inwoners’ is net zoals de aangifte in de personenbelasting een scanbaar formulier. Eerst dient dan ook de voorbereiding ingevuld te worden, waarna de bedragen met hun codes overgebracht worden op het scanbaar formulier. Dit formulier moet vervolgens verzonden aan de fiscus op het adres vermeld op de aangifte.  Indien geen aangifteformulier verzonden werd, moet de belastingplichtige dit zelf aanvragen.


Inhoud

Inhoud

In de aangifte in het kader van de ‘belasting niet-inwoners’ moeten naast de Belgische inkomsten ook de buitenlandse inkomsten moet vermeld worden, en dit hoewel enkel de Belgische inkomsten belast worden. De buitenlandse inkomsten worden inderdaad in België niet belast als ze zijn vrijgesteld door een overeenkomst ter vermijding van dubbele belasting. Om het correcte belastingregime te kunnen toepassen is het echter noodzakelijk om de buitenlandse inkomsten van beide partners te vermelden.


Bijlagen

Bijlagen

Vennootschappen die onderworpen zijn aan de ‘belasting niet-inwoners’, en die tijdens het belastbaar tijdperk voor minstens €100.000 rechtstreeks of onrechtstreeks betalingen deden aan personen gevestigd in een belastingparadijs, moeten hiervan aangifte doen op een formulier dat bij het aangifteformulier gevoegd moet worden. Zonder deze aangifte, zal de aftrek van de uitgaven als beroepskosten verworpen worden.  Om te weten of een persoon gevestigd is in zo’n belastingparadijs, is de OESO-lijst en de door de Koning vastgestelde lijst van staten zonder of met een lage belasting (vennootschapsbelasting lager dan 10%) bepalend.


Termijn

Termijn

De termijn om de aangifte in te dienen bedraagt steeds minstens 1 maand vanaf de verzending van het aangifteformulier.

De indiening gebeurt op het moment van ontvangst door de bevoegde dienst en niet op het tijdstip van verzending! Een laattijdige indiening van de aangifte lijdt tot een ambtshalve taxatie. Hierbij wordt de bewijslast in het kader van de belastingplichtige omgekeerd, en kunnen sancties opgelegd worden.

Het is mogelijk om bij een gewettigde reden een verlenging van de termijn (uitstel) aan te vragen, en dit ruim voor het verstrijken van de indieningstermijn. Vaak zal de administratie een verlenging van 2 maanden toestaan. Een geldige reden voor uitstel is bijvoorbeeld ziekte.


Roerende voorheffing


Aangifteplicht

Aangifteplicht

De inkomsten van kapitalen en roerende goederen (dividenden, intresten, royalty’s, …) en sommige diverse inkomsten van roerende aard, vormen een belastbaar inkomen in het kader van de roerende voorheffing. De roerende voorheffing die ingehouden wordt op die inkomsten is een voorafbetaling van de belastingen op die inkomsten. In de meeste gevallen is de roerende voorheffing echter ‘bevrijdend’, wat betekent dat het inkomen waarop de roerende voorheffing werd ingehouden niet meer moet aangeven. De roerende voorheffing die de schuldenaar van de inkomsten inhoudt, vormt dus de definitieve belasting.

Lees ook: vrijstelling van de onroerende voorheffing

Normaal is degene die de roerende inkomsten uitbetaalt, ook verplicht om de roerende voorheffing aan te geven, in te houden en aan de staat te storten bij het toekennen of betalen van die inkomsten aan de genieter. De genieter van het inkomen zal dus een netto bedrag ontvangen, namelijk het bruto bedrag min de ingehouden roerende voorheffing.


Vorm

Vorm

a) Elektronische aangifte

Deze aangifte gebeurt in beginsel in elektronische vorm via RV-on-web. Deze toepassing heeft immers heel wat voordelen. Zo wordt het verschuldigde bedrag automatisch berekend, krijgt de belastingplichtige onmiddellijk na het indienen van de aangifte een melding en kunnen de vorige aangiften opgezocht worden.

b) Papieren aangifte

Voor de aangifte op papier moeten volgende formulieren gebruikt worden:


Termijn

Termijn

Bij iedere storting van roerende voorheffing of ten laatste binnen 15 dagen na de toekenning of betaalbaarstelling van de belastbare inkomsten moet een aangifte in het kader van de roerende voorheffing ingediend worden. De toekenning of betaalbaarstelling betekent het ogenblik waarop de genieter werkelijk over de inkomsten kan beschikken.


Bedrijfsvoorheffing


Aangifteplicht

Aangifteplicht

De bedrijfsvoorheffing is een voorheffing die door werkgevers en vennootschappen verschuldigd is op de lonen die zij betalen of toekennen aan hun werknemers en bedrijfsleiders. De bedrijfsvoorheffing is bovendien ook verschuldigd op werkloosheids- en ziekte- en invaliditeitsuitkeringen, pensioenen, vervangingsinkomens, enz. De toekenning of betaalbaarstelling betekent het ogenblik waarop de genieter werkelijk over de inkomsten kan beschikken.

De schuldenaar van de bedrijfsvoorheffing mag die bedrijfsvoorheffing inhouden op de bedragen die hij betaalt en stort ze door aan de staat. Nadien wordt die bedrijfsvoorheffing verrekend in de belastingafrekening van de begunstigde van het inkomen. Elke schuldenaar die in België inkomsten betaalt die aan de bedrijfsvoorheffing onderworpen zijn, moet die bedrijfsvoorheffing aangeven en betalen.


Vorm

Vorm

De bedrijfsvoorheffing moet je verplicht elektronisch aangeven via de toepassing FinProf. Indien de aangever niet beschikt over de over de nodige informaticamiddelen, kan om de indiening van een papierenaangifte verzocht worden aan het documentatiecentrum waaronder de maatschappelijke zetel van de onderneming valt. Als de aangever toelating gekregen heeft om de papieren aangifte in te dienen, moeten de nodige formulieren aangevraagd en teruggezonden worden aan het bevoegde documentatiecentrum.


Termijn

Termijn

De aangifte in de bedrijfvoorehffing moet ingediend worden binnen de 15 dagen na de maand of het trimester waarin de inkomsten zijn betaald. Deze aangifteplicht geldt ook indien voor een bepaalde periode geen beroepsinkomsten werden betaald of toegekend of indien op deze inkomsten geen bedrijfsvoorheffing verschuldigd is.